Avena sativa, een strohalm als tonicum

13 februari 2020

Door: Armelle Demmers

Avena sativa, een mooie Latijnse naam voor haver, is een eenjarig gras van ongeveer 1,5 meter hoog. Het is al meer dan 4000 jaar in gebruik als voedsel en in de traditionele geneeskunde. Het gebruik van Avena sativa is gedocumenteerd sinds de 12e eeuw. Haver is ontstaan in Engeland, Frankrijk, Polen, Duitsland en Rusland en wordt nu wereldwijd verbouwd.

Het woord avena is waarschijnlijk afgeleid van het Sanskrietwoord avi, dat schapen betekent of van avasa: voedingsmiddel. Haver wordt gekweekt in gematigde zones. Het heeft een grotere tolerantie tegen regen dan andere granen zoals tarwe, rogge of gerst. Haver gedijt in gebieden met koele, natte zomers; het wordt gezaaid in de herfst en dan geoogst in de late zomer, of in het voorjaar en dan valt de oogst in het vroege najaar).1
Vanuit de traditionele fytotherapie wordt haver gebruikt als zenuwversterker voor de behandeling van problemen zoals depressie, slapeloosheid, mentale zwakte en nerveuze uitputting. Het drinken van haverthee zou helpen bij reumatische aandoeningen en het behandelen van waterretentie. En ook zijn haverbeschrijvingen gevonden bij aambeien, het verlagen van hoge bloeddruk, het bestrijden van obesitas, en het reguleren van de oestrogeenspiegels in het lichaam. Het eten van haver zou een zeer goede remedie zijn bij het stoppen met kalmerende middelen en antidepressiva. Het is gemakkelijk verteerbaar en ideaal voedsel voor chronisch zieke patiënten, herstellenden van ziekte en voor moeders na de bevalling.1,2

De rustgevende werking van haver zou verklaard kunnen worden doordat het rijk is aan eiwitten en aminozuren als lysine en l-tryptofaan. Maar ook door de aanwezigheid van B1, B2, B6, B12, niacine en magnesium. Haver is van alle graansoorten het meest rijk aan vetten – onverzadigde vetzuren, die energie leveren. Neem dan nog de hoeveelheden heilzame andere mineralen zoals ijzer, calcium, kalium, koper, zink, silicium en selenium, samen met de vitaminen C, A, E, en deze strohalm wordt een tonicum voor mens en dier. Het eiwit uit haver is bijna equivalent aan de kwaliteit van soja-eiwit, dat weer, volgens de WHO, gelijk is aan vlees-, melk- en eiproteïnen. Het eiwitgehalte van de haverkern (grut) varieert van 12 tot 24%, wat het hoogst is onder granen.1,3

Lees het gehele artikel vanaf pagina 42 in OrthoFyto 1/20.

Wilt u het gehele artikel als PDF bestand ontvangen? Bestel het dan hier voor € 3,50

Bronvermelding:

  1. R. Singh, S. De & A. Belkheir. Avena sativa (Oat), A Potential Neutraceutical and Therapeutic Agent: An Overview, Critical Reviews in Food Science and Nutrition, 53:2, 126-144, Published online: 17 Oct 2011
  2. European Medicines Agency Evaluation of Medicines for Human Use: Doc. Ref. EMEA/HMPC/202966/2007
  3. P. Rasane & A. Jha & L. Sabikhi & A. Kumar & V. S. Unnikrishnan. Nutritional advantages of oats and opportunities for its processing as value added foods – a review. J Food Sci Technol (February 2015) 52(2):662–675
  4. N. Tapola, H. Karvonen, L. Niskanen, M. Mikola, E. Sarkkinen. Glycemic responses of oat bran products in type 2 diabetic patients. Nutrition, Metabolism & Cardiovascular Diseases (2005) 15, 255e261
  5. D. Roopchand, R. N. Carmodyc, P.Kuhna, K. Moskalb, P. Rojas-Silvaa, P.J. Turnbaughc, Raskina. Dietary polyphenols promote growth of the gut bacterium Akkermansia muciniphila and attenuate high fat diet-induced metabolic syndrome. Diabetes Publish Ahead of Print, published online April 6, 2015
  6. Andrea Perrelli, Luca Goitre, Anna Maria Salzano, Andrea Moglia, Andrea Scaloni, Saverio Francesco Retta. Biological Activities, Health Benefits, and Therapeutic Properties of Avenanthramides: From Skin Protection to Prevention and Treatment of Cerebrovascular Disease. Oxidative Medicine and Cellular Longevity Volume 2018, Article ID 6015351, 17 pages
  7. R. Sur, A. Nigam, D. Grote, F. Liebel, M. D. Southall. Avenanthramides, polyphenols from oats, exhibit anti inflammatory and anti-itch activity. Archives of Dermatological Research, vol. 300, no. 10, pp. 569–574, 2008.
  8. Uitvoeringsverordening (EU) Nr. 828/2014 Van de Commissie. Betreffende de voorschriften voor de voorlichting van de consument over de afwezigheid of de verminderde aanwezigheid van gluten in levensmiddelen (Juli 2014)