Schadelijkheid transvetten krijgt wereldwijde aandacht

21 mei 2018

Afgelopen week bracht de NOS landelijk de schadelijkheid van transvetzuren in het nieuws, door te berichten over de plannen van de WHO. De gezondheidsorganisatie van de Verenigde Naties wil namelijk dat er een eind komt aan het gebruik van transvetten. Als het aan de WHO ligt, verdwijnen ze de komende vijf jaar wereldwijd uit het voedselaanbod. Transvetten komen onder andere voor in snacks, koekjes en gebak, om smaak en houdbaarheid te verbeteren of om vetten te harden. Ze verhogen het risico op hart- en vaatziekten. De WHO lanceerde op 15 mei een plan om overheden te helpen bij het uitbannen van transvetten.

Transvetten ontstaan tijdens de bewerking van vetten, zoals bij de fabricage van geraffineerde voedingsmiddelen (koek en gebak). De vetten veranderen daardoor van chemische structuur, wat een probleem vormt als het vet wordt ingebouwd in lichaamsstructuren zoals celmembranen. Een celmembraan met transvetten is stugger en minder permeabel dan een celmembraan met vetten die niet van chemische structuur zijn veranderd. Deze verandering heeft pathofysiologische gevolgen voor de celstofwisseling.

In afwachting van Europese wettelijke richtlijnen, werkt de industrie in Nederland al jaren aan een vermindering van transvetzuren in voedingsmiddelen zoals margarine. Nederlanders consumeren om die reden gemiddeld genomen niet te veel transvetten, zoals vorig jaar werd bevestigd door de Gezondheidsraad. Dat was gebaseerd op cijfers uit de Voedselconsumptiepeiling van het RIVM, waaruit blijkt dat ruim 95 procent van de bevolking beneden de norm zit van 1 energieprocent transvetzuren. De gemiddelde inname in Nederland bedraagt 0,5 energieprocent. Maar als dat nog verder kan verminderen is dat waarschijnlijk alleen maar winst voor de algemene gezondheid.

Bron:
nos.nl