Reuma en hypercoagulatie

12 oktober 2020

Door: Angélique De Beule

Reumatische aandoeningen zoals fibromyalgie, het syndroom van Sjörgen, het Ehlers-Danlossyndroom alsook osteonecrose kunnen volgens de Britse reumatoloog Graham Hughes een voor een gelinkt worden met het antifosfolipidensyndroom (APS), ook wel het Hughes’ syndroom genoemd.1-3

Het gaat om een systemische auto-immuunziekte waarbij de fosfolipiden in het lichaam worden aangevallen, waaronder ook de bloedfosfolipiden die bepalend zijn voor de viscositeit van het bloed. Een derde van de totale hoeveelheid vet in ons serum bestaat uit fosfolipiden; twee lange apolaire vetzuurstaarten die via een fosfaatgroep gebonden zijn aan een polaire kop zoals choline en serine.

In het geval van APS wordt er een verhoogd gehalte aan antilichamen gemaakt ten opzichte van deze bloedvetten, waardoor het bloed gaat samenklonteren (coaguleren) en de bloedcirculatie aanzienlijk wordt gereduceerd. Dit kan klachten veroorzaken zoals druk ter hoogte van de borst, duizeligheid, prikkelbare darmsyndroom en spierkrampen; allerlei symptomen die ook veelvoorkomend zijn bij mensen met fibromyalgie en het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS).1-5

In combinatie met de gangbare bloedstollingstesten kunnen antilichaamtesten zoals lupus anticoagulans (LAC), anticardiolipine (aCL, IgG en IgM) en anti-bèta2 glycoproteïne I meer uitsluitsel geven. Ook antifosfatidylserine-protrombine (aPSPT,) en antiprotrombine (aPT) kunnen als diagnostische serummarker worden ingezet.3-5
Het antifosfolipidensyndroom is een miskend probleem, dat naast diverse cardiovasculaire aandoeningen – hartaanvallen, beroerte – ook long- en nierbeschadigingen kan induceren. Ook zijn er jongeren die door APS worden getroffen; zij kunnen hierdoor te maken hebben met migraine en/of epilepsie.

In 2000 linkte klinisch patholoog David Berg die hypercoagulatie met stille chronische ontstekingen. Het is een aanhoudende inflammatie die ervoor zorgt dat de rode bloedcellen gevangen komen te zitten in een kleverig fibrinenetwerk, wat de capillaire bloedstroom reduceert. Door de chronische situatie worden er cysten of littekenweefsel rond de ligamenten gevormd, waardoor men in het eerste stadium voornamelijk last heeft van spierstijfheid. Naarmate de doorbloeding verder afneemt en de hypoxie in het bloed toeneemt, ervaart men meer ischemische pijn die vaak gepaard gaat met verhoogde bloeddruk en chronische vermoeidheid. Kortom, het verhinderen van hypercoagulatie – al dan niet veroorzaakt door het anti-fosfolipidensyndroom – is cruciaal in het voorkomen van diverse reumaproblemen.

Bergs protocol – om het bloed weer te laten stromen – bestaat uit drie fases. In fase één wordt het bloed gedurende zes maanden verdunt met heparine, wat door Berg omschreven wordt als hét middel bij uitstek, daar het zowel anti-coagulerende, vaatverwijdende als ontstekingsremmende eigenschappen bezit. In synergie kunnen het fibrinenetwerk, de eventueel aanwezige pathogene biofilm alsook de prostaglandine 2-ontstekingsmediatoren systemisch worden aangepakt met proteolytische enzymen zoals bromelaïne of nattokinase.

Na vier tot zes maanden volgt de tweede fase, waarin de immuniteit wordt versterkt alsook de vrijgekomen pathogenen kunnen worden opgeruimd met fytonutriënten zoals curcumine, berberine of look, afhankelijk van de ziekteverwekker die op dat moment aan de basis van het inflammatieproces ligt. In de derde en laatste fase wordt er opnieuw heparine ingezet om reactivatie van de stollingscascade alsook een nieuwe invasie van de pathogenen te voorkomen.
Hierdoor kan het lichaam weer voorzien worden van voldoende zuurstof en micronutriënten, noodzakelijk voor het flexibel én gezond houden van het spier- en botweefsel.

www.biok.center

Bronvermelding:

  1. Mayo Clinic: Antiphospholipid syndrome. Geraadpleegd op 5 juli 2020 via www.mayoclinic.org
  2. Marios G, Lykissas et al. The role of hypercoagulability in the development of osteonecrosis of the femoral head. Orthopedic reviews. 2012. 4(2)
  3. Mouneu N, Ornelas et al. Frequency of Fibromyalgia in Patients with Antiphospholipid Syndrome. A Cross-Sectional Study. American College of Rheumatology – Meeting abstract. 2017.
  4. Molina F et al. Are Patients with Fibromyalgia in a Prothrombotic State? 2019 Mar;21(2):224-230.
  5. Berg D, et al. Chronic fatigue syndrome and/or fibromyalgia as a variation of antiphospholipid antibody syndrome: an explanatory model and approach to laboratory diagnosis. Blood Coagul Fibrinolysis. 1999 Oct;10(7):435-8.