Een multifactoriële aanpak van het chronisch vermoeidheidssyndroom

13 Jun, 2023

Door: Paul van Meerendonk

In 1996 meldt een patiënt uit België zich op mijn spreekuur. Hij heeft de klassieke klachten van het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS): chronische vermoeidheid, inspanningsintolerantie, cognitieve stoornissen, keelpijn, hoofdpijn, spierpijn, gewrichtspijn, opgezette lymfklieren en slapeloosheid. Zijn klachten zijn op dat moment al sterk afgenomen dankzij een protocol van Amerikaans internist Jacob Teitelbaum. Zijn verzoek aan mij is, na terugkeer van zijn bezoek aan de Verenigde Staten, om dit protocol voort te zetten. Hij werd de eerste van circa 6000 patiënten, die ik inmiddels met het Teitelbaumprotocol heb behandeld.

Als Jacob Teitelbaum aan zijn studie geneeskunde begint, is hij gezond en gedreven om zo snel mogelijk af te studeren. Een virus gooit echter roet in het eten en hij valt ten prooi aan het chronisch vermoeidheidssyndroom. Daar is in 1975 heel weinig over bekend. De reguliere geneeskunde biedt voor hem geen soelaas. Out of the box-denkers zoals Janet Travell (lijfarts van John F. Kennedy en auteur van Myofascial Pain and Dysfunction, the Trigger Point Manual), William Crook (The Yeast Connection) and William Jefferies (Safe Uses of Cortisol) geven hem echter wel de inzichten om zijn ziekte te overwinnen met een multifactoriële aanpak. Hij publiceert hierover twee wetenschappelijke studies. In de eerste klinische studie1 herstelde 57% van de patiënten volledig en toonde 39% een duidelijke verbetering. De tweede studie2 is een gerandomiseerde dubbelblind placebogecontroleerde studie. In de actieve groep (38 patiënten) waren aan het eind van de studie 16 patiënten veel beter, 14 beter, 2 hetzelfde, 0 slechter en 1 veel slechter. In de placebogroep (34 patiënten) waren deze aantallen respectievelijk 3, 9, 11, 6 en 4. Teitelbaum krijgt veel navolgers, waaronder Myhill en Horowitz.

‘It’s mitochondria, not hypochondria.’ In een studie uit 20093 toonden Sarah Myhill et al. bij 70 van de 71 patiënten met CVS een abnormale functie van de mitochondriën aan tegenover geen afwijkingen bij 53 gezonde controlepersonen. De hoogte van de mitochondriale energiescore (MES) correleerde sterk met de mate van invaliditeit. De MES werd onder meer berekend uit de hoeveelheid ATP in de cel, het percentage Mg-ATP (de actieve vorm) en de transportcapaciteit van ADP en ATP over de mitochondriale membraan. Een MES van ten minste 1.0 is normaal. Bij een MES van 0.1 ben je doorgaans bedlegerig, bij 0.5 kun je meestal nog 50% werken. In een vervolgstudie4 toonde zij aan dat een multifactoriële interventie, vergelijkbaar met die van Teitelbaum, de MES en mate van welbevinden aanzienlijk verhoogde.

Lees het gehele artikel vanaf pagina 12 in OrthoFyto 3/23.

Wilt u het gehele artikel als PDF bestand ontvangen? Bestel het dan hier voor € 3,50.

Bronvermelding:
1. Teitelbaum J.E. and Bird B. Effective treatment of severe chronic fatigue: a report of a series of 64 patients. Journal of Musculoskeletal Pain, Vol. 3 (4), 1995: 91-110.
2. Teitelbaum J.E., Bird B., Greenfield R.M., et al. Effective treatment of CFS and FMS: a randomized, double-blind placebo controlled study. Journal of Chronic Fatigue Syndrome 8 (2), 2001.
3. Myhill S., Booth N.E., McLaren-Howard J. Chronic Fatigue Syndrome and Mitochondrial Dysfunction. Int. J. Clin. Exp. Med. (2009) 2: 1-16.
4. Myhill S., Booth N.E., McLaren-Howard J. Targeting mitochondrial dysfunction in the treatment of ME/CFS-a clinical audit. Int. J. Clin. Exp. Med. (2013); 6 (1): 1-15.
5. Horowitz R., Freeman P. Precision medicine: the role of the MSIDS model in defining, diagnosing and treating chronic Lyme Disease/Post Treatment Lyme Disease Syndrome and other chronic illness: Part 2. Healthcare (Basel) 2018, Dec. 6 (4).
6. Prins J., Bleijenberg G., van der Meer J. e.a. Cognitive Behaviour Therapy for chronic fatigue syndrome, a multicentre randomised controlled trial. The Lancet, Volume 357, 2001.
7. Cleare A.J. et al. Hypothalamo-Pituitary-Adrenal Axis Dysfunction in Chronic Fatigue Syndrome, and the Effects of Low-Dose Hydrocortisone Therapy. The Journal of Clinical Endocrinology and Metabolism,86 (8): 3545-3554, 2001.
8. Cleare A.J. et al. Low-dose hydrocortisone in chronic fatigue syndrome: a randomised crossover trial. The Lancet, 1999, 353: 455-458.
9. Ruiz-Nunez B. et al. Higher prevalence of low T3 syndrome in patients with chronic fatigue syndrome. A case-control study. Frontiers of Endocrinology (Lausanne) 2018, 9: 97.
10. Weiss, D. et al., Scottsdale magnesium study: absorption, cellular uptake, and clinical effectiveness of a time-released magnesium supplement in a standard adult clinical poulation. J.A.Coll.Nutr. 2018 Febr.9: 1-12.
11. Teitelbaum J.E., et al. The use of d-ribose in chronic fatigue syndrome and fibromyalgia: a pilot study. J. Altern. Compliment. Medicine, 2006, November, 12 (9):857-62.
12. Teitelbaum J.E. et al. Dietary intervention in chronic fatigue syndrome and fibromyalgia. A unique porcine serum polypeptide nutritional supplement. The Open Pain Journal, December 31, 2020, volume 13: 52-56.
13. Teitelbaum J.E. et al. Nutritional Intervention in postviral chronic fatigue syndrome and fibromyalgia. A unique porcine serum polypeptide nutritional supplement. For submission.
14. Brewer J.H. et al. Detection of mycotoxins in patients with chronic fatigue syndrom. Toxins, 2013, 5, 605-617.